Hoewel de Horizon 20 op veel fronten sterk is, heeft hij ook duidelijke beperkingen. Ten eerste: helderheid. De opgegeven 3.200 ISO lumens is ruim voldoende voor gedimde kamers, maar in lichtgekleurde, felverlichte woonkamers of overdag met veel binnenvallend zonlicht merk je snel dat de kopers van de Pro- of Max-modellen meer headroom krijgen. In zulke omstandigheden neemt contrast en verzadiging af, en verschijnen details minder duidelijk bij grote projecties. Als jouw woonkamer niet volledig te dimmen is, is dat een reëel aandachtspunt.
Daarnaast geldt dat geïntegreerde audio niet kan concurreren met een dedicated 5.1- of soundbar-opstelling. Harman & Kardon levert een knap, draagbaar geluid, maar voor echte cinefielen of audiofreaks blijft externe audio noodzakelijk. Ook al automatiseert ISA veel, handmatige kalibratie voor puristen blijft wenselijk: kleuren, grayscale en HDR-tone mapping kunnen soms wat verfijning nodig hebben om echt nauwkeurig te zijn. De projector is verder geen goedkope keuze; prijs-kwaliteit moet je afwegen ten opzichte van alternatieven met vergelijkbare functies of hogere lumenwaarden.
Tenslotte is er de kwestie van onderhoud en levensduur: laserprojectoren zijn duurzamer dan lampmodellen, maar componenten zoals koelers en optiek vragen nog steeds aandacht; in omgeving met veel stof kan de projector meer onderhoud vergen. Ook kan de ventilator onder belasting hoorbaar worden, zeker bij lange sessies in warme ruimtes. Kortom: de Horizon 20 is een krachtige allrounder, maar niet zonder compromissen afhankelijk van je ruimte, verwachtingen en audio-eisen.